Wanneer corona ons confronteert

Gert Huysmans is huisarts en voorzitter van de Federatie Palliatieve zorg. Als kennis-en expertisecentrum probeert de federatie enerzijds hulpverleners in het werkveld te informeren en ondersteunen. Anderzijds behoort ook het informeren en sensibiliseren van de bevolking over zorg, in al haar aspecten, tot de taken. “We willen de sherpa van de mensen zijn. Degene die de bergbeklimmer de berg op helpt, ook als het te stijl wordt en ook als er een sneeuwstorm op komst is”, aldus Gert Huysmans. We laten hem aan het woord over de impact van de coronapandemie op de mens als individu en op palliatieve zorg:

Een confrontatie met existentiële angsten  

Voor de bevolking is de pandemie heel confronterend. Als arts ervaarde ik veel angsten. Mensen zijn bang om ziek te worden, om pijn te hebben, om plots te sterven of om afscheid te moeten nemen. Zeker ouderen en kwetsbaren zagen veel leeftijdsgenoten op korte tijd sterven aan het virus. Die existentiële angsten zitten in ieder van ons. Ze kunnen zo overheersend zijn dat ze je levenskwaliteit aantasten. In de huidige omstandigheden is het niet evident die angsten te verdringen. Alle hulpverleners binnen de (palliatieve) zorg moeten dan ook aandacht hebben voor die angsten. Het is belangrijk om deze te benoemen en het gesprek aan te gaan. Als huisarts merk ik bijvoorbeeld vaak dat patiënten bang zijn voor pijn. Wanneer ik hen dan geruststel en vertel dat de pijn onder controle kan worden gehouden, vermindert vaak ook hun angst. Door het gesprek over die angsten aan te gaan, kunnen hulpverleners mensen geruststellen en hen een schouder bieden om op te leunen.

Sterven ontmenselijkt

De coronacrisis illustreert eveneens hoezeer palliatieve zorg nog niet vanzelfsprekend is binnen onze gezondheidszorg. De aandacht voor het virus heeft blootgelegd hoe snel aan palliatieve zorg voorbij wordt gegaan. Ik zou zelfs durven zeggen dat het sterven in sommige gevallen bijna ‘ontmenselijkt’ is geweest. Een stervende partner (bijna) niet mogen zien, is heel traumatisch en bemoeilijkt het rouwproces. Velen waren in hun laatste levensfase niet omringd door hun dierbaren. Door de maatregelen hebben heel wat mensen ook té lang moeten wachten op een correcte diagnose, waardoor ze soms in een bepaald stadium van een ziekte zijn terechtgekomen die door een vroege en/of correcte diagnose had vermeden kunnen worden.

In België zijn een kleine 10 000 mensen gestorven aan de gevolgen van de pandemie, terwijl er jaarlijks ongeveer 110 000 mensen aan niet-plotse aandoeningen sterven. Ik heb er mijn bedenkingen bij of die 110 000 mensen de afgelopen maanden voldoende aandacht en de nodige omkadering hebben gekregen wat betreft palliatieve zorg.

Als sensibiliserende organisatie heeft de Federatie opgeroepen om het belang van palliatieve zorg niet uit het oog te verliezen. Dit voor alle patiënten. We hebben ook online getracht de broodnodige aandacht te geven aan ziekte, sterfte en rouw. Daarnaast hebben we via een memorandum de regering opgeroepen om palliatieve zorg meer te betrekken bij de beslissingen die in het kader van COVID-19 worden genomen. Bij volgende golven moeten we namelijk telkens goed afwegen wat we al dan niet bereid zijn om op te geven in het kader van veiligheid.

Aldus, Gert Huysmans